"Mijn litteken is 18 cm. Sommige mensen reageren er nogal heftig op. Ik ben er trots op.

Het is een stukje van mijn leven."

 
De operatie 
 
Aortaklepvervanging 
Aortaklepvervanging via een openhartoperatie
Als u een hartoperatie moet ondergaan wordt u altijd onder volledige narcose geopereerd. Er wordt een snede gemaakt midden op de borst, ongeveer van het kuiltje boven tot het kuiltje onder het borstbeen. Het borstbeen wordt vervolgens in lengterichting doormidden gezaagd. Om de hart-longmachine aan te sluiten, worden een tweetal slangen in het hart geplaatst. De hart-longmachine zorgt vervolgens dat er zuurstofrijk bloed wordt rondgepompt in het lichaam naar alle organen, zodat die normaal kunnen blijven functioneren. Vervolgens wordt het hart stilgezet door middel van een vloeistof die wordt toegediend aan het hart die ook het hart beschermt. De hartchirurg maakt een snede dwars in de lichaamsslagader (aorta), net boven de aortaklep. De eigen aortaklep wordt secuur verwijderd waarbij het van belang is dat er geen kalkresten van de zieke hartklep in het hart achterblijven. De maat van de nieuwe klep wordt bepaald en met meerdere hechtingen wordt de klepprothese in positie gebracht waar eerst uw eigen aortaklep zat. Daarna wordt de aorta gesloten. Het hart wordt weer met bloed gevuld en gaat meestal uit zichzelf kloppen. Zo niet, dan wordt het hart met een klein elektrisch schokje weer op gang gebracht. Soms is het nodig om het hart uitwendig het hartritme op te leggen door een uitwendige (tijdelijke) pacemaker aan te sluiten.
Soms is het mogelijk om de aortaklepoperatie, zoals hierboven beschreven, via een kleinere snede te verrichten. Echter dit is niet geschikt voor elke patient en wordt door uw hartchirurg voorafgaand aan uw operatie besloten. Bij deze hartoperatie krijgt u een snede van ongeveer 6 – 8 cm midden op de borst, van het kuiltje boven het borstbeen naar beneden. Vervolgens wordt niet het hele borstbeen, maar de bovenste helft tot 1/3e deel geopend. Het onderste deel van het borstbeen wordt dus intact gelaten. Vaak is er echter dan onvoldoende ruimte om de hart-longmachine aan te sluiten. De hart-longmachine wordt dan aangesloten via de bloedvaten in de lies. Daarom krijgt u bij dit type operatie vaak ook een kleine snede in de lies. De operatie aan het hart is vervolgens hetzelfde als beschreven bij de ‘aortaklepvervanging via een openhartoperatie' hierboven.
 
 
 
 
 
Implantatie van een hartklep via de lies of een klein sneetje in borstkas (TAVI of THI)
Om een hartklep te vervangen is een openhartoperatie niet altijd de beste keuze. Sommige mensen zijn te zwak om deze zware ingreep te ondergaan. Als dat zo is, komt u misschien wel in aanmerking voor een behandeling waarbij een biologische klep met een kathetertechniek wordt geplaatst. Deze methode is alleen mogelijk voor de aortaklep. Dit wordt TAVI (Transcatheter Aortic Valve Implantation) of THI (Transcatheter Hartklep Interventie) genoemd. Dit gaat meestal via de lies, soms via een klein sneetje onder de linker borst of op het borstbeen.
Hoe verloopt deze behandeling via de lies? U wordt onder narcose gebracht of krijgt een roesje, waardoor u niets voelt tijdens de ingreep. De cardioloog prikt een slagader aan in uw lies en schuift een katheter met ballonnetje door de slagader en aorta naar uw hart. Hij legt de ballon in de afwijkende klep en blaast de ballon op. Daardoor wordt de verkalkte en vernauwde klep tegen de wand van de aorta gedrukt. Vervolgens schuift de cardioloog door dezelfde katheter een metalen stent met daarin de biologische hartklep. Deze stent plaatst hij op de plek van de weggedrukte zieke klep. De stent met daarin de biologische klep zet zichzelf vast. Deze behandeling duurt ongeveer twee uur. Na de ingreep wordt u op de hartbewaking of Intensive Care geobserveerd. Meestal kunt u na twee of drie dagen weer naar huis.
Als de slagaders in uw lies te klein of te slecht zijn, kunnen de cardioloog en hartchirurg deze behandeling ook doen via een klein sneetje in uw borstkas. Hij brengt de klep ook dan in met een katheter, maar nu via de punt van het hart of direct via de aorta. Deze ingreep gebeurt meestal door een team van een hartchirurg en cardioloog. Na deze ingreep moet u meestal vijf tot zeven dagen in het ziekenhuis blijven.
Omdat er via deze methode alleen biologische kleppen kunnen worden geplaatst kunt u hier niet kiezen voor een mechanische klep (kunstklep).
 
Mitralisklep reparatie en vervanging
Mitralisklepklep reparatie/vervanging via een openhartoperatie
Als u een hartoperatie moet ondergaan wordt u altijd onder volledige narcose geopereerd. Er wordt een snede gemaakt midden op de borst, ongeveer van het kuiltje boven tot het kuiltje onder het borstbeen. Het borstbeen wordt vervolgens in lengterichting doormidden gezaagd. Om de hart-longmachine aan te sluiten, worden een tweetal slangen in het hart geplaatst. De hart-longmachine zorgt vervolgens dat er zuurstofrijk bloed wordt rondgepompt in het lichaam naar alle organen, zodat die normaal kunnen blijven functioneren. Vervolgens wordt het hart stilgezet door middel van een vloeistof die wordt toegediend aan het hart die ook het hart beschermt.
De hartchirurg maakt een snede in het hart zodat hij de mitralisklep goed kan zien en kan beoordelen of de klep gerepareerd kan worden of moet worden vervangen. Als de mitralisklep kan worden gerepareerd zijn er verschillende technieken mogelijk. Vrijwel altijd zal er als onderdeel van de klepreparatie een kunststof ring worden geïmplanteerd. Bij een vervanging wordt de eigen mitralisklep secuur verwijderd. De maat van de nieuwe klep wordt bepaald en met meerdere hechtingen wordt de klepprothese in positie gebracht waar eerst uw eigen mitralisklep zat. Het hart wordt gesloten en weer met bloed gevuld en gaat meestal uit zichzelf weer kloppen. Zo niet, dan wordt het hart met een klein elektrisch schokje weer op gang gebracht. Soms is het nodig om het hart uitwendig het hartritme op te leggen door een uitwendige (tijdelijke) pacemaker aan te sluiten.
Mitralisklep reparatie/vervanging via een kijk operatie
Soms is het mogelijk om de mitralisklepoperatie, zoals hierboven beschreven, via een kleinere snede te verrichten. Echter dit is niet geschikt voor elke patient en wordt door uw hartchirurg voorafgaand aan uw operatie besloten. Bij deze hartoperatie krijgt u een snede van ongeveer 6 – 8 cm aan de rechterzijde van de borstkas. Er is dan onvoldoende ruimte om de hart-longmachine aan te sluiten. De hart-longmachine wordt dan aangesloten via de bloedvaten in de hals en de lies. Daarom krijgt u bij dit type operatie vaak ook een kleine snede in de lies. De operatie aan het hart is vervolgens hetzelfde als beschreven bij de ‘mitralisklep reparatie/vervanging via een open hart operatie' hierboven.
 
Welke complicaties kunnen er optreden tijdens/na een hartklepoperatie?
Een hartklepoperatie is helaas niet zonder risico's. Er kunnen complicaties ontstaan. Ook bestaat er een kans op overlijden. Hoe groot die risico's zijn, hangt onder andere af van de toestand van uw hart en uw andere organen op het moment van de operatie. 
Een hart- of herseninfarct
Tijdens de operatie kan er een stukje kalk van de klep wegschieten en een herseninfarct veroorzaken. Gelukkig is de kans hierop klein. Tijdens de operatie wordt uw hart heel goed beschermd, maar in een enkel geval treedt er toch schade op en kunt u een hartinfarct krijgen.
AV-blok (hartritmestoornis)
Bij het vervangen van de aortaklep is beschadiging van de bundel van His mogelijk. De bundel van His bestaat uit de zenuwen die de elektrische prikkel voor de hartslag doorgeven van de boezems naar de kamers. Beschadiging van deze bundel kan leiden tot een AV-blok, een hartritmestoornis. Dit zorgt ervoor dat de elektrische prikkel niet wordt doorgegeven. De chirurg kan dit oplossen met een tijdelijke pacemaker. Als de geleiding niet herstelt, heeft u een permanente pacemaker nodig.
Atriumfibrilleren (hartritmestoornis)
Er kunnen ook andere hartritmestoornissen optreden. Uw hart klopt dan sneller en onregelmatig. Dit komt bij ongeveer 1/3 van de patiënten na een hartoperatie voor. De chirurg kan deze ritmestoornissen bijna altijd verhelpen met medicijnen of een eenmalig stroomschokje (electrocardioversie).
Bloeding in uw hartzakje
Meestal merkt uw chirurg dit snel op, omdat uw bloeddruk daalt. Daardoor kan hij snel ingrijpen. Soms treedt de bloeding in het hartzakje langzaam en sluipend op. Soms kan de cardioloog het bloed met een naald of slang wegzuigen. Soms is een (spoed)operatie nodig. Bij deze ingreep wordt (een deel van) de wond en soms het borstbeen weer geopend.
Lichte tot hogere koorts 
Meestal komt dat door een long- of urinewegontsteking, maar soms is de oorzaak niet duidelijk. U blijft in het ziekenhuis tot de koorts is verdwenen.